Camperroute Frankrijk: van de Ardennen naar Bretagne via Loire en kastelen
Deze camperreis door Frankrijk start net over de grens in de historische vestingstad Rocroi en voert via de Champagnestreek en de Loirevallei richting Bretagne. Onderweg ontdek je sfeervolle wijnplaatsen zoals Ousson-sur-Loire, charmante kastelenstadjes zoals Montreuil-Bellay en bijzondere dorpen met een uniek karakter, waaronder Clisson dat bekend staat als het “Toscane van Frankrijk”.
De route vervolgt naar Bretagne met stops in kunstenaarsdorpen, historische havens en kustplaatsen zoals La Gacilly, Pont-Aven en Concarneau. Via het binnenland reis je daarna verder naar middeleeuwse parels zoals Vitré en Fougères.
Deze route is ideaal voor camperaars die korte dagafstanden willen combineren met historische steden, wijngebieden, natuur en kustlandschappen, en biedt een ontspannen manier om West-Frankrijk stap voor stap te ontdekken. Perfect voor een rondreis van twee tot drie weken.
Zelf deze camperroute rijden? Bekijk ook onze lijst met handige kampeerbenodigdheden voor onderweg.
Inhoudsopgave
- Etappe 1 – Rocroi, Ardennen: historische vesting als start van je camperroute
- Etappe 2 – Ousson-sur-Loire, Loirevallei: wijnlandschap en rivierzicht
- Etappe 3 – Monthou-sur-Cher, Loire: dorpen en wijngaarden ontdekken
- Etappe 4 – Restigné, Cave Auger: overnachten bij Loire-wijnboeren
- Etappe 5 – Clisson, Loire-Atlantique: Toscaanse charme in Frankrijk
- Etappe 6 – La Gacilly, Morbihan: kunstenaarsdorp en fotofestival
- Etappe 7 – Pontivy, Morbihan: historisch centrum en kasteel
- Etappe 8 – Pont-Aven, Finistère: schilderachtig dorp en Gauguin-haven
- Etappe 9 – Concarneau, Finistère: Atlantische kust en ommuurde haven
- Etappe 10 – Châteaulin, Finistère: kanaalstad Nantes–Brest
- Etappe 11 – Lampaul-Plouarzel, Finistère: ruige kust en duinen
- Etappe 12 – Vitré, Ille-et-Vilaine: middeleeuws kasteel en vakwerkhuizen
- Etappe 13 – Fougères, Ille-et-Vilaine: kastelenstad met historische kern
- Etappe 14 – Lyons-la-Forêt, Normandië: pittoresk dorp en bosrijke omgeving
- Etappe 15 – Arras, Hauts-de-France: historische stad als afsluiter
Etappe 1 – Rocroi, Ardennen: historische vesting als start van je camperroute
“👉 Begin je Franse camperreis in Rocroi. Ontdek de stervormige vesting en geniet van rust en historische charme net over de grens.”



Vandaag zijn we vertrokken! Zoals wel vaker bij ons, bleef het tot op het laatste moment de vraag: waarheen precies? De richting is uiteindelijk zuidwest-Frankrijk geworden. Grote delen van Europa hebben te maken met extreem weer: stortbuien hier, een hittegolf daar. Wij hopen een plek te vinden met die fijne, zomerse temperatuur rond de vijfentwintig graden – aangenaam, maar niet te heet.
Nu we weten dat het Frankrijk wordt, willen we ook in één keer door, zodat de vakantie écht kan beginnen. En waar kun je dat beter doen dan in Rocroi? Dit kleine vestingstadje ligt net over de grens, en zodra je er aankomt weet je: hier begint Frankrijk.
Rocroi is niet zomaar een dorpje – het heeft een rijke geschiedenis. De stervormige vesting werd in de 16e eeuw gebouwd om deze strategische plek te verdedigen, dicht bij de grens met het toenmalige Spaanse Nederland. De imposante toegangspoort waardoor we het stadje binnentreden, stamt uit 1566. Je loopt er als het ware de geschiedenis in. De contouren van het bolwerk zijn nog duidelijk zichtbaar: een perfect symmetrische ster met bastions, grachten en dikke vestingmuren.
Een korte wandeling over de wallen geeft meteen dat ‘we zijn op vakantie’-gevoel. Rustig, charmant en met een uitzicht over de groene omgeving. Een perfecte eerste stop.
Vive la France!
Camperplaats Rocroi – overnachten met de camper in Rocroi
Overnachten met de camper in Rocroi? Hieronder vind je alle praktische informatie over de camperplaats, inclusief voorzieningen, prijs en onze persoonlijke ervaring.
- Type: camperplaats op terrein van voormalige camping
- Prijs: gratis
- Ligging: rustig gelegen op loopafstand van het vestingcentrum, met uitzicht op de vestingwallen
- Voorzieningen: water, loospunt, één betaald stroompunt (beperkt beschikbaar)
Onze ervaring: ideale eerste stop net over de grens. Ontspannen begin van de reis, al kan het in de zomermaanden snel vol staan.
Tip: maak tegen de avond een rondje over de vestingwallen voor uitzicht op de stervormige bastions.
Handig voor vertrek met de camper
Ga je zelf op camperreis door Frankrijk? Een goede voorbereiding scheelt onderweg veel gedoe.
Bekijk onze checklist met kampeerbenodigdheden die wij standaard meenemen op reis.
Etappe 2 – Ousson-sur-Loire, Loirevallei: wijnlandschap en rivierzicht
“👉 Rustige camperstop in Ousson-sur-Loire. Wandel langs de Loire, proef lokale wijnen en geniet van een idyllisch Frans dorpje.”



Na een heerlijke nacht in het vestingstadje Rocroi – waar de stilte enkel werd onderbroken door het zachte getik van regendruppels op het camperdak – werden we fris en uitgeslapen wakker. De koffie was niet bepaald een culinair hoogtepunt, maar met een lauwe bak troost in de hand begonnen we goedgemutst aan onze dag.
Wat volgde was een magnifique tocht dwars door de Champagnestreek, langs klinkende namen als Reims en Épernay. De bubbels lieten we wijselijk links liggen – nuchter blijven is wel zo handig met een camper op smalle Franse wegen. Gelukkig kregen we een andere traktatie: hertjes! Overal. En alsof dat nog niet schattig genoeg was, zagen we zelfs twee pasgeboren kleintjes. Zij huppelden speels door het gras, wij stuiterden in vergelijkbare stijl over de Franse plattelandswegen.
We reden door typisch Franse dorpjes waar de tijd lijkt te zijn blijven stilstaan en de châteaus zich nonchalant lieten bewonderen. Bij een prachtig stadhuis – pardon, mairie – kwamen we langs een bruiloft. De gasten feestelijk gekleed, de bruid stralend – en wij gleden er met onze camper langs alsof we er per ongeluk de openingsact van waren. Even zwaaien uit het raam, altijd netjes.
Onze eindbestemming van de dag: Ousson-sur-Loire. Klinkt als een dorpje uit een roman van een Franse schrijver die te veel wijn en zon heeft gehad – en dat klopt ook een beetje. Dit rustige plaatsje aan de rivier de Loire is klein maar fijn, met een centrum vol houten wijnvaten die dienstdoen als decoratie, en gedenkplekken die herinneren aan de Eerste Wereldoorlog. Een stukje geschiedenis, verstopt tussen de druivenranken.
We vonden een idyllisch plekje bij een lokale wijnboer. Volgens de recensies moet de Sauvignon Blanc hier “van de bovenste plank” zijn. Vol verwachting probeerden we contact te maken met de eigenaar, maar dat bleek een kleine uitdaging. Wij spreken geen woord Frans en ook de smartphone had duidelijk de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Toch, met een beetje goede wil en veel glimlachen kwam het helemaal goed.
’s Avonds maakten we een korte wandeling naar het dorp. De Loire stroomde er kalm langs, glinsterend in het zachte avondlicht. Een prachtig gezicht. En terwijl we daar even stil stonden, konden we het niet laten om zachtjes te zeggen, in ons beste Brabants: “Loire – leuk da ge d’r waar.”
Santé, en op naar de volgende etappe!
Camperplaats Ousson-sur-Loire – overnachten met de camper in Ousson-sur-Loire
Overnachten met de camper in Ousson-sur-Loire? Hieronder vind je de belangrijkste voorzieningen en tips voor deze bijzondere plek in de wijngaard.
- Type: overnachten bij wijngaard Clos des Cortillaux
- Prijs: gratis
- Ligging: onder bomen met uitzicht op de wijngaard, nabij de Loire
- Voorzieningen: stroom op aanvraag (gratis), geen loospunt
Onze ervaring: schitterende rustige plek tussen de wijnranken. Ideaal voor wandelen en fietsen langs de Loire.
Tip: de eigenaar spreekt alleen Frans; handig om hier rekening mee te houden bij een proeverij.
Handig op de camperplaats
Op veel Franse camperplaatsen heb je een paar praktische spullen nodig, zoals een lange stroomkabel of verloopstekker. Dat ontdek je meestal pas als je er staat.
Wij hebben een overzicht gemaakt van handige camperaccessoires voor onderweg.
Etappe 3 – Monthou-sur-Cher, Loire: dorpen en wijngaarden ontdekken
“👉 Ontdek pittoreske dorpen en de landelijke charme van de Loirevallei. Perfect voor een ontspannen camperdag tussen wijnvelden.”

Kukeleku, rrrrlll, kukeleku, rrrlll… zes uur ’s ochtends en de boerderijdieren geven een privéconcert waar geen oordoppen tegen bestand zijn. De haan neemt de leiding, vakkundig ondersteund door zijn kippenkoor. Een heuse ochtendserenade — tenzij je Edwin heet. Dan is het gewoon: “Waar is de koffie?!”
Jouke daarentegen slaapt als een os in zomerslaapstand. Het leven op de boerderij bevalt haar uitstekend, waarschijnlijk droomt ze van verse PFAS-eieren en een ontbijt op strobaalniveau. Ondertussen geniet Edwin in alle vroegte van de opkomende zon boven de wijnvelden. Geen slecht uitzicht bij je eerste slok café noir.
We beloven onszelf plechtig geen lange ritten meer te maken. En beloften zijn er om… na te komen! Toch lukt het ons om een hele dag te doen over een kleine 160 kilometer. We slingeren door pittoreske dorpjes, kronkelen langs een natuurgebied en hobbelen over landelijke wegen waar de camper van enthousiasme bijna zijn pootjes optrekt. Bij elke kuil en drempel herschikt de koelkast z’n inhoud en spelen de kastjes spontaan een potje keukengerei-twister. Chaos in de camper, gezellig op de weg.
Onderweg besluiten we dat het tijd is voor lunch. Gewoon ergens stoppen, stoeltjes omdraaien, voeten omhoog. En alsof het zo moet zijn, zit er nét om de hoek een kleine boulangerie. Alsof Frankrijk ons persoonlijk wil bedanken voor het bezoek. Voor maar €1,10 scoren we daar een versgebakken baguette die kraakt van geluk bij elke hap. Het kost Edwin zelfs een vulling uit zijn tanden.
Onze bestemming? Wederom een boerderij. Echter, de omgeving voelt verrassend vertrouwd aan – alsof we per ongeluk een stukje Nederland zijn ingereden. Bakstenen huis, alles vlak, maisvelden, en een vriendelijke boer die ons met handgebaren welkom heet. Met handen en voeten begrijpen we elkaar prima, vooral omdat ons Frans nog niet verder reikt dan baguette en merci beaucoup.
Toch verlangen we naar meer Franse beleving en rijden we een stukje verder. En voilà – daar staan we dan, aan een charmant meertje bij een typisch Frans dorpje. Het is zondag, dus het halve dorp is uitgelopen: families met koelboxen, kinderen in de speeltuin, de geur van worstjes op de barbecue… Het ultieme zondaggevoel, maar dan met Franse slag.
Wij doen lekker mee. Stoelen uit, voeten omhoog, drankje erbij. Zelfs Tobi ligt tevreden in het gras, snuffelend naar stokbrood en barbecuegeur.
Wat wil een mens nog meer? Misschien alleen nog een ochtend zonder haan.
Camperplaats Monthou-sur-Cher – overnachten met de camper in Monthou-sur-Cher
Overnachten met de camper in Monthou-sur-Cher? Dit is een groene camping aan park en recreatieplas.
- Type: camping aan park en waterplas
- Prijs: ca. €10–€20 per 24 uur
- Ligging: heggencamping met schaduwrijke plaatsen
- Voorzieningen: stroom, water, loospunt, toiletten en douches
Onze ervaring: levendige plek waar locals samenkomen bij mooi weer. Fijn verblijf in het groen.
Tip: voor uitzicht kies je de voorste plekken; achteraan heb je meer privacy.
Comfort bij de camper
Na een dag rijden is het heerlijk om buiten bij de camper te zitten. Met een paar goede kampeerspullen wordt dat meteen een stuk relaxter.
Etappe 4 – Restigné, Cave Auger: overnachten bij Loire-wijnboeren
“👉 Slaap tussen de wijnranken in Restigné en proef lokaal geproduceerde wijnen. Authentiek en rustig verblijf voor camperaars.”



Na een zalige nacht slapen stappen we fris gedoucht de camper in. We trekken verder westwaarts, waar de temperaturen de komende week iets milder beloven te zijn. Nou ja, “milder” – vandaag tikt de thermometer gewoon de 32 graden aan. Zweten in stijl, noemen we dat.
Onze route kronkelt, parallel aan rivier de Loire, door het schitterende Nationaal Park Loire-Anjou. We belanden bij een wijnboer met een liefde voor auto’s. Het chateau is een plaatje: een lange oprijlaan waar je spontaan in slow motion overheen wilt lopen, boompjes en bloemen op elke hoek, en een binnenpleintje dat zo uit een romantische film lijkt te komen. Je ziet gewoon dat ze hun zaakjes hier goed voor elkaar hebben.
In het winkeltje kopen we natuurlijk een fles wijn. Bijzonder aan deze regio is dat hier de rode wijn overheerst. Waar de vorige wijnboer vooral witte wijn produceerde, draait het hier om rood. Rosé? Ja, zo’n vijf procent. Wit? Dat groeit hier niet.
Op het etiket van de fles prijkt dezelfde klassieke auto die ook als decoratie bij de poort staat. Een knipoog naar de persoonlijke stijl van de wijnboer. De jonge knecht knipoogt terwijl hij de fles overhandigt en grapt iets over “plezier met wijn van hier”. We knikken instemmend: als dat geen motto is, weten wij het ook niet meer.
We settelen ons op een grasveld tussen de wijnranken, met uitzicht op de ondergaande zon die alles in een gouden gloed zet. De bbq gaat aan en met een fles rode wijn, gemaakt van de druiven die we recht voor ons zien groeien, proosten we op het goede leven.
Tip: Kleine BBQ, groot vakantiegevoel. Ontdek hier welke mini BBQ jouw trip compleet maakt.
De wijnboer zelf komt gezellig een praatje maken. Zijn schoonzoons komen uit Nederland, dus hij waagt zich dapper aan een paar Nederlandse woorden. We lachen vriendelijk mee en waarderen zijn inzet. Zo zie je maar: wijn verbindt, ook op taalgebied.
Als kers op de taart zorgt Edwin tijdens het afwassen voor een verrassingsact: hij draait de dop van de afwasmiddelfles iets te enthousiast open. In plaats van een subtiel kneepje krijgt de bbq een volledige schuimparty. Resultaat? Die blinkt als nooit tevoren. Alles voor de glans.
’s Nachts staan we helemaal alleen op de camperplaats. In augustus! Hoe bijzonder is dat? Een verborgen parel, genesteld tussen de wijnranken. Voor het slapengaan kijken we samen naar de sterrenhemel. Het is helder, stil en indrukwekkend mooi – een moment om even stil van te worden. Wij weten het zeker: deze plek smaakt naar meer.
Camperplaats Restigné – overnachten met de camper in Restigné
Overnachten met de camper in Restigné? Een sfeervolle plek bij een wijndomein.
- Type: overnachten bij Cave Auger
- Prijs: ca. €10–€20
- Ligging: binnenplaats aan de rand van de wijngaard
- Voorzieningen: stroom, toiletten en douches
Onze ervaring: rustige en veilige plek. De afgesloten binnenplaats is ideaal als je met hond reist.
Tip: bezoek de wijnshop voor lokale wijnen.
Montreuil-Bellay, Maine-et-Loire: middeleeuws kasteel en stadsmuren




Onderweg naar onze volgende bestemming rijden we langs schilderachtige plaatsjes zoals Candes-Saint-Martin aan de Loire. Wat begint als een rustige rit door het Franse landschap, krijgt ineens een onverwachte wending: we belanden midden in een militaire colonne. Achter ons rijdt een pantserwagen – strak, serieus en imposant. Niet bepaald het soort gezelschap dat je verwacht tijdens een ontspannen vakantie. We kijken elkaar aan: moeten we sneller, langzamer, gewoon glimlachen en zwaaien? Het antwoord volgt vanzelf wanneer we over een weg blijken te rijden die dwars door een militair oefenterrein slingert.
Zodra we het terrein achter ons laten, zetten we koers richting Montreuil-Bellay. En dat brengt ons meteen diep de geschiedenis in. Dit charmante plaatsje aan de rivier de Thouet is namelijk geen doorsnee dorp. Het kent zijn oorsprong in de Gallo-Romeinse tijd, en de eerste versterkte vesting op deze strategische plek dateert al uit de 11e eeuw. Archeologische vondsten wijzen zelfs op nog oudere bewoning.
Bij aankomst slaan we eerst proviand in bij de supermarkt en vullen we de brandstoftank. Alles is weer op peil: de koelkast gevuld, de stemming opperbest. Daarna rijden we een stukje verder naar de camperplaats – een rustige plek aan de rand van het dorp, vlak bij een zwembad en een camping.
We strekken onze benen voor een korte, maar pittige klim naar het kasteel. Het Château de Montreuil-Bellay is een plaatje. Met zijn torentjes en ligging bovenop de heuvel doet het zelfs een beetje denken aan het beroemde kasteel Neuschwanstein in Duitsland. Direct achter het château staat een goed bewaard gebleven kerk, gewijd aan Notre Dame.
De hele omgeving ademt geschiedenis. Van middeleeuwse poorten en verweerde gevels tot stenen die al eeuwenlang dezelfde zon zien ondergaan. We ontdekken zelfs oude kogelgaten in een muur – stille getuigen van vroegere oorlogen. Via resten van Romeinse gebouwen dalen we uiteindelijk af via de Escalier Saint-Pierre, een charmant trappenstraatje dat ons terugvoert naar de camper – en naar het hier en nu.
Montreuil-Bellay is voor ons een tussenstop, maar wel eentje die blijft hangen. Met een hoofd vol indrukken en een glimlach op ons gezicht rijden we verder naar onze volgende bestemming, waar we vannacht al neerstrijken.
En morgen? Dan worden we wakker in een Italiaans dorp. In Frankrijk. Ja, je leest het goed. Hoe dat zit? Dat lees je hieronder…
Buiten leven bij de camper
Koken bij de camper en buiten eten hoort voor veel reizigers bij het plezier van een campertrip. Met een paar simpele kampeeritems wordt dat nog leuker.
Wij zetten onze favoriete kampeerbenodigdheden voor camperreizen op een rij.
Etappe 5 – Clisson, Loire-Atlantique: Toscaanse charme in Frankrijk
“👉 Wandel door Clisson, het Italiaanse dorp in Frankrijk. Geniet van Toscaanse architectuur, rivierzicht en lokale sfeer.”




We zijn in Italië! Of… wacht even. Frankrijk? Nou ja, laat het ons uitleggen. Clisson is een Frans stadje dat per ongeluk in Italië lijkt te zijn beland. Of een Italiaans dorp dat denkt dat het in Frankrijk woont. Hoe dan ook: verwarrend charmant.
Vanaf onze camping OnlyCamp wandelen we richting het stadje. Althans, dat denken we. Tot we een bord zien met iets van “centre historique” erop. Klinkt goed! Alleen blijkt het bord een beetje ambitieus geplaatst, namelijk vóór de afslag waar we eigenlijk hadden moeten zijn. Dus slaan wij keurig bij het bord af… en staan we even later in een doodlopend wijkje. Gefopt. Maar eerlijk is eerlijk: wat is het daar mooi! Rustig, groen en schitterende villa’s — een verdwaalomweg met uitzichtbonus.
Na een korte, steile klim (met hier en daar wat gepuf) bereiken we het centrum van Clisson. De bedoeling is om ons bij Office de Tourisme te melden voor een stadswandeling, maar dat gaat pas om 14:00 uur open. Geen probleem, we spotten een Italiaans ogend terras mét ijssalon. Proost! La dolce vita in de Loire.
Een uur en een fris drankje later halen we bij het Tourist Office een wandelroute op. We starten bij het robuuste middeleeuwse château, compleet met torens, kantelen en een even verderop gelegen stadspoort met ophaalbrug. Prachtig, maar wij zijn hier natuurlijk voor die Italiaanse vibe.
Clisson draagt namelijk de bijnaam: “het Toscane van Frankrijk”. En dat is niet zonder reden. In de 19e eeuw werden delen van de stad herbouwd door architecten die helemaal verknocht waren aan de Italiaanse stijl. Denk aan villa’s met terracotta dakpannen, cipressen, arcades en zelfs een heuse neoklassieke zuilengalerij.
Tussendoor belanden we op een typisch Italiaans uitziend terras. Hoewel, het is Frankrijk, maar met espresso. Die overigens heerlijk was — samen met een chocolat mousse én een pannacotta. We hadden op de kaart namelijk een mysterieuze “pannacotta mousse” gespot, wat één dessert leek. Maar op advies van de ober bleek het om twee aparte toetjes te gaan. En natuurlijk hebben we ze toen maar allebei geproefd.
Onderweg verrast Clisson ons telkens weer. Kanoërs proberen met kunst- en vliegwerk over een houten vlonder van de ene kant van de rivier naar de andere te glijden. Vanaf onze plek aan het water kijken we uit op de Pont de la Vallée, het château en de kerk. Het is zo’n moment waarop alles even klopt: zon, uitzicht, en precies genoeg verwondering.
Met de wandelroute in de hand trekken we van bezienswaardigheid naar uitzichtpunt. We lopen over eeuwenoude bruggen met wel vijftien bogen, staan stil bij de indrukwekkende eikenhouten markthal uit de 14e eeuw, de oudste markthal van West-Frankrijk!, en wandelen onder karakteristieke pijnbomen die als gigantische paraplu’s boven de weg hangen.
De Église Notre-Dame laat met haar elegante klokkentoren ook haar Italiaanse kant zien. En dan komen we bij het hoogtepunt van de wandeling: het Garenne-landgoed. Hier waan je je écht in Toscane. Beelden in het gras, kunstobjecten tussen de bomen, een expositie over hoe deze objecten vroeger werden gemaakt, en het charmante Gardeners House, gebouwd in perfecte Toscaanse stijl. De neoklassieke villa met haar 22 zuilen maakt het plaatje compleet. Je verwacht elk moment een Vespa voorbij te horen zoemen.
Dan gebeurt er iets minder charmants. Tobi mag helaas niet mee naar binnen bij de expositie, dus we nemen om de beurt een kijkje. Als Jouke nét vóór sluitingstijd naar binnen wil glippen, sluit de automatische schuifdeur zich ineens… iets te enthousiast. Bam! Een frontale botsing met het glas. De deur wint. Jouke loopt met een hoofd als een middeleeuwse roos naar buiten. Pijnlijk? Ja. Hilarisch? Ook een beetje.
Clisson, je bent een Italiaanse droom in een Frans jasje. En wij zijn fan. Bellissimo? Mais oui!
Camperplaats Clisson – overnachten met de camper in Clisson
Overnachten met de camper in Clisson? Deze camping ligt op korte afstand van het centrum.
- Type: OnlyCamp – Le Moulin
- Prijs: ca. €15–€25
- Ligging: naast supermarkt, dichtbij centrum
- Voorzieningen: stroom, water, loospunt, toiletten en douches
Onze ervaring: vriendelijk ontvangst en nette plekken met grasstrook.
Tip: smalle straatjes maken manoeuvreren met grote campers lastig.
Praktisch voor onderweg
Tijdens een langere camperreis merk je pas welke spullen echt handig zijn. Sommige dingen gebruik je elke dag.
Bekijk hier onze lijst met camperbenodigdheden voor onderweg.
Etappe 6 – La Gacilly, Morbihan: kunstenaarsdorp en fotofestival
“👉 Bezoek La Gacilly en ervaar kunst in elke straat. Fotofestival, Yves Rocher geschiedenis en gezellige Franse dorpssfeer.”



Vandaag trekken we verder richting Bretagne. Maar waarheen precies? Na wat speurwerk stelt Edwin voor om naar La Gacilly te gaan — de geboorteplaats van Yves Rocher.
“Maar dat is toch die van dat cosmeticamerk met botanische producten?” zegt Jouke, met een brede glimlach.
Hoppa, daar gaan we. Op naar La Gacilly: een klein dorpje dat verrassend veel in huis blijkt te hebben. Zodra we het centrum binnenrijden, zien we het al: dit is geen doorsnee plattelandsdorpje. Alles oogt verzorgd — bloemen, kunst, kleuren. Zelfs de brievenbussen zijn omgetoverd tot kunstwerken.
La Gacilly staat bekend om het jaarlijkse openluchtfotofestival, dat elke zomer het hele dorp transformeert. En inderdaad: overal hangen enorme foto’s — aan huizen, in steegjes, tuinen en langs vijvers. Elke straat lijkt mee te doen aan één grote expositie.
Het festival draait telkens om twee hoofdthema’s: een geografische focus (zoals Australië in 2024 of het Verenigd Koninkrijk in 2025) en een maatschappelijk of milieugericht thema, zoals People & Nature. We slenteren door de straatjes waar achter elke bocht iets nieuws opduikt. Alsof het hele dorp één groot museum is, zonder muren.
La Gacilly is een sfeervol, bloemrijk kunstenaarsdorp. Tussen de ateliers en galeries door stuiten we op het Yves Rocher museum en de bijbehorende winkel. Toch maar even naar binnen. Best boeiend eigenlijk — het verhaal van een kruidenman die crèmes ging maken en zo miljoenen vrouwen (en badkamers) wist te veroveren.
La Gacilly verrast. Klein, maar levendig. Rustig, maar inspirerend. En het ruikt hier overal naar bloemen. Of is dat gewoon Edwin, die zich heeft laten verleiden tot een gratis monstertje?
Camperplaats La Gacilly – overnachten met de camper in La Gacilly
Overnachten met de camper in La Gacilly? Deze camping ligt ideaal tijdens het fotofestival.
- Type: camping Rives Nature
- Prijs: ca. €25–€40
- Ligging: op loopafstand van centrum
- Voorzieningen: stroom, water, loospunt, toiletten en douches
Onze ervaring: perfecte uitvalsbasis; kunstwerken beginnen direct buiten de camping.
Tip: bezoek op zaterdagochtend de overdekte markt.
Etappe 7 – Pontivy, Morbihan: historisch centrum en kasteel
“👉 Ontdek Pontivy met Napoleon III-stadsstructuur, het kasteel Rohan en charmante kanalen. Perfect voor een culturele camperstop.”



Onze eerste stop vandaag is het historische Josselin. Nou ja… historisch, maar ook een tikkeltje hysterisch als je niet van wachten houdt. De camperplaats staat tot de nok toe vol. Voor de poort verzamelt zich een rij hoopvolle camperaars, allemaal loerend of er ergens een plekje vrijkomt. Eén camper eruit betekent hier helaas niet automatisch één camper erin. Er is namelijk de mogelijkheid om van tevoren op afstand te reserveren, waardoor spontane binnenrollers vaak achter het net vissen. Wij besluiten dat ons geduld vandaag beter besteed is en gunnen het wachten aan de doorzetters achter ons.
We zetten koers naar Pontivy. Onze overnachtingsplek daar is eigenlijk geen officiële camperplaats, maar wordt wel oogluikend toegestaan. Via een lang, recht wandelpad langs een zwembad uit de jaren dertig, een hypermodern wandelpark en iets wat lijkt op de resten van een militaire kazerne, staan we zó in het centrum.
Pontivy blijkt een stad met een boeiende geschiedenis. Ooit was het een strategisch knooppunt aan het kanaal van Nantes naar Brest en liet Napoleon III er brede, kaarsrechte straten aanleggen. Het kasteel Rohan waakt nog steeds over de stad, terwijl beneden een mix op je wacht van middeleeuwse straatjes, negentiende-eeuwse grandeur en kleurrijke vakwerkhuizen.
Na eerdere pareltjes als Clisson en La Gacilly voelt Pontivy wat rauwer. Veel leegstand, vervallen panden en mensen die op straat meer aandacht hebben voor hun joint dan voor de dag zelf. Toch, wie daar doorheen kijkt, ontdekt een andere stad. Op foto’s oogt het als het perfecte plaatje, zeker door de fotokunsten van Edwin, maar dat beeld vertelt niet het hele verhaal.
Op een terras proberen we een keuze te maken uit het bierassortiment, terwijl de ober het toelicht alsof hij een Franse quizvraag stelt zonder multiplechoice-opties. We kiezen veilig voor het merk dat groot op de parasol prijkt. Cola zero is er niet, maar wel een lokaal gemaakte colasiroop met een naam als antwoord die zo uit die quizvraag had kunnen komen. Het toeval wil dat we precies naast onze buurtjes van de camperplaats belanden.
Het gesprek verloopt grotendeels in het Frans, een taal waar wij nog altijd geen snars van begrijpen. Met handen en voeten maken we elkaar duidelijk dat als we beiden op die plek overnachten, we zeker niet alleen zijn. Uiteindelijk staan we er met in totaal acht campers. Het biertje is heerlijk koud en zo goed dat het zichzelf verdubbelt op de rekening. Je krijgt dan wel een halve liter speciaalbier. Zonder vragen, zonder blozen. Santé!
Camperplaats Pontivy – overnachten met de camper in Pontivy
Overnachten met de camper in Pontivy? Een eenvoudige maar praktische stop.
- Type: gedoogplek op grasveld nabij zwembad
- Prijs: gratis
- Ligging: ca. 10 minuten lopen van centrum
- Voorzieningen: geen
Onze ervaring: handig voor één nacht, maar in de avond snel vol.
Tip: parkeer iets verder van de ingang van het zwembad.
Etappe 8 – Pont-Aven, Finistère: schilderachtig dorp en Gauguin-haven
“👉 Bezoek Pont-Aven, beroemd om Gauguin en schilderkunst. Wandel langs de haven, schilderachtige huizen en rivierlandschap.”



We proberen op alle mogelijke manieren een reservering te maken bij kampeerboerderij La Ferme du Gueric: e-mail, WhatsApp, mentale smeekbedes, alles behalve rooksignalen. Het blijft stil. Jammer, want Tobi zou daar ongetwijfeld het gras tot zijn persoonlijke hemel verklaren en wij vinden het vooral prettig dat het op loopafstand van Pont-Aven ligt. De camperplaats in het centrum zit vol, dus schakelen we over op de avonturiersmodus: gewoon rijden en kijken waar we stranden.
Onderweg stuiten we op een gigantische Leclerc. En met “gigantisch” bedoelen we dat je hier zonder moeite kunt verdwalen en pas uren later, iets armer maar met mysterieuze boodschappen in je kar, weer bij de kassa opduikt. Alles oogt verser, groter en verleidelijker dan gezond is voor je boodschappenlijst. We slaan in voor vanavond en de komende dagen. Wanneer Edwin terugkeert bij de camper ruikt hij alsof hij niet bij de supermarkt maar bij de visafslag is geweest.
Bij aankomst op de kampeerboerderij is er nog steeds geen teken van leven. Aan de poort hangt een bord met in vriendelijke maar onverbiddelijke letters ‘complet’. Jouke belt toch aan. “Ahh, Juke et Edwien? Oui oui!” klinkt het vrolijk. Nog geen minuut later is alles geregeld en mogen we zelf een plek uitzoeken. We parkeren tussen loslopende schapen, vrolijke honden en een pauw die duidelijk vindt dat wij blij mogen zijn met zijn gezelschap.
Vanaf de camping is het zo’n twintig minuten lopen naar het dorp. Op het pad loopt Edwin een stukje vooruit. Tobi, die normaal niets ontgaat, lijkt hem even kwijt. Een klassiek gevalletje ‘ziet door de bomen het bos niet meer’. “Daar is Edwin,” zegt Jouke, maar nog voor ze het kan afmaken, sprint Tobi ervandoor. Jouke probeert de riem vast te houden maar Tobi wint overtuigend. De poepzakjeshouder klapt open en zo slingert er in één vloeiende beweging een hele slinger zakjes als serpentine door het bos.
Even later voert de route langs de tombeaux des géants, een megalithisch rotsmonument. Twee grote platen zijn uit monolithische rotsen gehouwen, elk met een ovale uitholling of bassin waarvan de functie onbekend blijft. Het lijkt geen traditionele begraafplaats te zijn maar eerder een plek met religieuze of rituele betekenis, nog vóór de komst van het christendom.
Niet veel later staan we in de haven van Pont-Aven. Het lijkt alsof iemand de knop schilderachtig heeft ingedrukt. Het water kabbelt zachtjes, de huisjes spiegelen in de rivier en de kleuren zouden zo van Paul Gauguin’s palet kunnen komen. Deze Franse schilder vestigde zich hier eind negentiende eeuw, trok andere kunstenaars mee en maakte Pont-Aven wereldberoemd. Zelfs Picasso kwam ooit langs, al was Gauguin de echte aanstichter van het artistieke rumoer. Het voelt alsof we door een levend kunstwerk wandelen.
Tijdens onze wandeling door het dorp konden we het niet laten om de typische Bretonse lekkernij Traou Mad te proeven. Deze zachte, rijke boterkoek smaakt zo puur en ambachtelijk dat het bijna een kunstwerk op zich lijkt, een perfecte zoete beloning na het struinen door het schilderachtige Pont-Aven.
Terug op de kampeerboerderij gaat de Cadac aan. Vanmorgen had Edwin ChatGPT nog gevraagd wat we konden maken met de restjes groenten. Binnen no time kwam er een verrassend menu, compleet uitgewerkt, inclusief tijdlijn strak gepland tot op de minuut. Het resultaat is heerlijk, al staat smakelijk smakken niet in het recept en dat gebeurt toch.
Tip: Kleine BBQ, groot vakantiegevoel. Ontdek hier welke mini BBQ jouw trip compleet maakt.
Dan bedenkt Edwin een briljant schoonmaakidee: de barbecue zo heet opstoken dat het vuil vanzelf loskomt. Hij gaat er vol enthousiasme met een kunststof spatel op los… totdat de spatel de strijd opgeeft en twee centimeter korter uit het gevecht komt. Innovatief? Absoluut. Kostenefficiënt? Laten we zeggen: leerzaam.
Camperplaats Pont-Aven – overnachten met de camper in Pont-Aven
Overnachten met de camper in Pont-Aven? Kies voor rust net buiten het centrum.
- Type: camping à La Ferme du Guéric
- Prijs: ca. €10–€20
- Ligging: landelijke omgeving, korte wandeling naar stadje
- Voorzieningen: stroom, water, loospunt, toiletten en douches
Onze ervaring: groene omgeving als alternatief voor de drukkere centrumplekken.
Tip: reserveren in het hoogseizoen is noodzakelijk.
Etappe 9 – Concarneau, Finistère: Atlantische kust en ommuurde haven
“👉 Ontdek Concarneau met de Ville Close, stranden en camperplaatsen. Sfeervolle havenstad voor een ontspannen stop.”



Als je met de camper naar Concarneau wilt gaan, heb je meerdere opties om te overnachten. Twee campings met zwembaden, glijbanen en animatieprogramma’s die voor ons gevoel iets te veel ‘vakantiebrochure’ schreeuwen. Een camperplaats aan de andere kant van het water, waarvoor je eerst met een veerpontje mag. En een camperplaats in een nette wijk, op loopafstand van de stad. Daar parkeren wij. Bij aankomst zijn er nog genoeg plekken vrij, maar niet voor lang. Al snel druppelen de campers binnen, tot het terrein volstaat en de laatkomers hun geluk elders mogen beproeven.
Via een dalend straatje rollen we de stad in. Allereerst bezoeken we de beroemde Ville Close. Deze ommuurde stad stamt uit de middeleeuwen en beschermde tegen piraten en andere ongenode gasten van buiten. Binnen de dikke granieten muren voelt het alsof de tijd op pauze staat. We slenteren langs smalle straatjes met oude geveltjes, een kapel die ooit als hospitaal fungeerde, en souvenirwinkeltjes die overlopen van maritieme prullaria. Overal hangt de geur van crêpes, wafels en andere zoetigheden in de lucht, en op elke hoek van de straat worden we opnieuw verleid met merengue en chocolade! Zelfs in speciale vormen, zoals auto’s en een leeuw.
Op een gezellig terrasje ploffen we neer voor de lunch. Jouke bestelt een croque monsieur, Edwin een sandwich tradition. Jouke krijgt een enorm bord voorgeschoteld, Edwin een minuscuul exemplaar. Nadat de croque monsieur al even vrolijk dampend op tafel staat, duurt het nog even voor de sandwich arriveert. Maar dan krijg je ook wat: bijna een meter brood in een papieren zak. Pas dan snappen we dat het kleinste bordje puur bedoeld is als onderlegger om even een hap te nemen. Voor borden waar dit soort lunches écht op passen moet je waarschijnlijk naar Amerika.
Ville Close blijkt één groot openluchtpodium. We horen blaasinstrumenten, een zangduo met Oosterse klanken en een multi-instrumentalist die tegelijk een hangdrum, een lange blaaspijp, een basedrum met één voet en een sambabal met de andere voet bespeelt. We blijven staan en luisteren, vooral omdat we ons afvragen hoeveel ledematen deze man eigenlijk heeft.
De Atlantische Oceaan, achter de Golf van Biskaje, ligt aan onze voeten. Met een écht goed stel ogen zou je misschien Curaçao zien, maar wij houden het bij het idee dat we Noord-Spanje in de verte ontwaren. Het uitzicht over het kabbelende water is sowieso een cadeautje.
Op het terras krijgt Jouke zin in een drankje dat we gisteren bij de locals in Pont-Aven zagen: een Bretonse kir cider. Onze Franse woordenschat blijkt te beperkt om dat fatsoenlijk uit te leggen, dus blijft het bij een vertrouwde cola zero.
’s Avonds koken we primitief maar gezellig, spelen we wat spelletjes en laten we de dakramen open om de warmte kwijt te raken. Niemand voorspelt de paar regendruppels die ons midden in de nacht verrassen. De vroege ochtend is bewolkt en licht regenachtig, maar na tienen verdwijnen de wolken en klimt de thermometer naar ruim dertig graden.
Gek op spelletjes?
Bekijk de beste spelletjes voor 2 personen!
We hebben nog geen overnachtingsplek voor vanavond en beginnen aan onze zoektocht. “Complet! Sorry, full! No place available!” horen we overal. In augustus in Bretagne een camperplaats met douche vinden, blijkt topsport. De locals reserveren alles al maanden van tevoren.
Door de hitte ligt Tobi voor pampus. Om de sfeer te doorbreken gaat Edwin op stokbroodjacht. De eerste bakker is uitverkocht. Dan maar door naar de boulangerie bij het terras van gisteren. Veertig minuten later, veertig hoogtemeters verder en minstens veertig liter vocht armer, komt hij terug bij de camper. Zweterig, maar triomfantelijk, met een vers stokbrood onder zijn arm. Het smaakt extra goed als je weet dat je het bijna met bloed, zweet en tranen hebt verdiend.
Om half drie proberen we nog één camperlocatie. Raak! Het laatste plekje, zonder stroom, maar als we morgen voor twee nachten boeken krijgen we wél stroom. Jouke glimlacht en zegt: “Dan komen we morgen pas, dan hebben we beide nachten stroom.” Slimme zet. We kopen direct een kaartje voor de huidige plek en blijven dus nog een nacht in Concarneau.
’s Avonds, als de temperatuur zakt naar een aangename zesentwintig graden, dalen we af naar het stadje. Op de pier staan locals te vissen. Hun vangst wordt ter plekke gefileerd en de koppen verdwijnen linea recta naar de meeuwen. Die dansen pirouettes op straat, tot Tobi besluit dat híj de enige is die hier mag jagen. Meeuwen maken rechtsomkeer.
Het stadje is ’s avonds rustiger. Een straatmuzikant speelt nog, enkele winkels zijn open en de ondergaande zon legt een gouden glans over het water rond het kasteel. Het verschil tussen eb en vloed is hier indrukwekkend: het ene moment staat alles droog, het andere moment ligt alles onder water. Misschien is het wel gevuld met de zweetdruppels die wij vandaag hebben gelaten.
Camperplaats Concarneau – overnachten met de camper in Concarneau
Overnachten met de camper in Concarneau? Deze parkeerplaatsen liggen buiten het drukke centrum.
- Type: betaalde parkeerplaats in woonwijk
- Prijs: ca. €5–€10
- Ligging: geasfalteerde parkeervakken
- Voorzieningen: geen
Onze ervaring: rustige en veilige keuze wanneer centrumplekken vol zijn.
Tip: richting Ville Close loop je stijl omhoog; vanaf de overzijde kun je een voetgangerspont nemen.
La Butine – honing, mede en lokale gastvrijheid

Op weg van Concarneau naar Chateaulin plannen we drie tussenstops. De eerste is bij de Leclerc voor onze dagelijkse boodschappen. De tweede bij het enige servicepunt voor campers in de buurt. Hier legen we de toiletcassette. Tip van de dag: doorspoelen doe je het best terwijl de klep van de afvoer dicht is. Wij ontdekken dat te laat en krijgen een gratis, maar beslist onfrisse, douche.
De derde stop is gelukkig een stuk aangenamer. Bij La Butine in Concarneau worden we warm onthaald. Zo warm zelfs dat we een honingproeverij krijgen aangeboden. Eerst een lichte, dan een amberkleurige en daarna een donkerrode. In totaal wel zeven verschillende soorten. Elke honing smaakt anders en komt van een andere imker of een ander jaargetijde. Een vroege lentehoning vol frisse bloemen, een zomerse variant met rijke aroma’s en een herfsthoning met diepe, kruidige tonen.
Alsof dat nog niet genoeg is, volgt een medeproeverij. Tot vandaag hebben we er nog nooit van gehoord, maar mede blijkt een andere naam voor honingwijn. Wijn lusten wij wel, dus de nieuwsgierigheid is gewekt. We maken er wat flauwe woordgrappen bij: mede als in samen, mede als in mogelijk gemaakt door, en natuurlijk mede als in medewijn.
Mede ontstaat door honing te laten vergisten met water en gist. Soms worden er kruiden of vruchten toegevoegd voor extra smaak. Waar wijn zijn alcohol dankt aan de suikers uit druiven, haalt mede die uit honing. Het proces lijkt veel op wijn maken, maar in plaats van druivensap staat er een gouden, zoete basis in het gistvat. Mede kan droog of zoet zijn, licht of vol, en rijpt vaak net zo zorgvuldig als goede wijn in eikenhouten vaten.
We proeven in totaal negen medes en één koffielikeur met smaken van pruimen, kastanjes en boekweit. Het hoogtepunt is een fles uit 2019 die dat jaar de prestigieuze titel van beste mede van Europa won. En zelfs deze topper mogen wij proeven. Wat een bijzonder moment.
Edwin, die nog moet rijden, nipt voorzichtig van elk glas. De rest is voor Jouke. Met de zon op ons gezicht en de nasmaak van honing en mede in onze mond stappen we weer in de camper. De weg naar Chateaulin ligt open voor nieuwe indrukken, maar al licht hikkend weten we dat geen enkele stop vandaag die gouden gloed van La Butine gaat overtreffen. Nou ja, behalve misschien de laatste stop bij de receptie van camping Night and Day in Chateaulin voor het bestellen van een verse baguette voor morgen. Je moet tenslotte prioriteiten stellen.
Etappe 10 – Châteaulin, Finistère: kanaalstad Nantes–Brest
“👉 Rustige camperstop langs het kanaal Nantes–Brest. Wandel door Châteaulin, ontdek historische bruggen en lokale lekkernijen.”




Langs het kanaal van Brest naar Nantes strijken we neer op camping Night and Day. Klinkt alsof we hier dag en nacht doorbrengen, maar in ons geval wordt het eerder Night and Night. Overdag zijn we natuurlijk op pad om alle moois van het stadje Châteaulin te bewonderen.
Het wandelpad langs het kanaal brengt ons naar het centrum van Châteaulin. Vandaag leren we dat lin de betekenis heeft van tien. In de tiende eeuw wordt hier het kasteel gebouwd, en dat verklaart meteen de naam van het stadje. Op dat moment gaat bij ons ook een lampje branden over waar de plaatsnaam Châteauneuf vandaan komt. Het stadje heeft bovendien een kapel op de berg uit de vijftiende eeuw en mag zich met recht een historisch plaatsje noemen.
De kerk in het centrum, de Église Saint Idunet, is gebouwd in de negentiende eeuw in neogotische stijl. Zeg maar gotisch 2.0 met een beetje negentiende eeuwse opsmuk. Terwijl wij er zijn, krijgen een paar mensen orgelles. De klanken zijn intrigerend, maar stiekem hopen we toch dat het repertoire ooit meegaat met de tijd en er een nummer van Queen uit de pijpen knalt. Tevergeefs. Wat wel modern is in dit dorpje zijn de openluchtexposities met foto’s van Franse reizigers. Zo zien we beelden uit Peru en Cambodja, verspreid door het stadje alsof je in één middag de halve wereld rondreist.
En dan… de bruggen! Als je via het wandelpad langs het kanaal Châteaulin binnenkomt, zie je er drie achter elkaar: eerst een moderne, dan een met bogen en bloemen, en tenslotte onze favoriet. Die derde brug torent hoog boven het water uit. Tot 1967 tuft hier zelfs een stoomtrein overheen, die twee dorpen met elkaar verbindt. Nu ligt er asfalt, en het oude station is wat vervallen. Toch zien en horen we hem in gedachten nog steeds… toet toet.
In Frankrijk moet je op de klok letten: tot twee uur zijn de keukens open, winkels gaan pas om half drie weer open. Na twee uur is een drankje op een zeldzaam terras in Châteaulin nog wel mogelijk, maar een lekkernij vinden is lastiger. Tot we ontdekken dat anderen net een appeltaartje krijgen als dessert van het dagmenu. De ober gunt ons er ook nog eentje. Zo genieten we alsnog van koffie met gebak op een terras middenin Châteaulin.
Na een rondje uitzichtpunten keren we terug naar de camping. Onderweg ontdekken we per toeval een buurtsuper, verstopt in een zijstraatje. We kopen wijn en honing. Gisteren bezochten we nog een mede honingwijnmaker, en nu hebben we dus alles in huis om onze eigen versie te maken ‘mede by our own’.
Op ons terras voor de camper genieten we dan ook van een stokbroodje met brie, walnoten en honing, vergezeld door een glaasje wijn dat uiteindelijk de hele fles wordt. Terwijl we ons afvragen wat we s avonds zullen eten, stopt er een foodtruck voor onze neus. Dat is pas service. Het wordt pizza Mexicaine.
Voor het laatste rondje met Tobi wandelt Edwin nog één keer naar het stadje. Jouke leest verder in haar spannende boek en kan er niet meer mee stoppen. De cliffhanger nadert, dus het boek gaat van kaft tot kaft. Onder één van de bruggen zagen we eerder lampen hangen die op sommige foto’s op het Internet prachtig ogen. Dit willen we graag met eigen ogen zien. In het echt is het stadje nu uitgestorven en alles is donker. Langs het kanaal hoor je alleen nog een krekel, een verre auto… en verder niets. De stilte kondigt het einde van de dag aan en de nacht die begint, precies zoals op camping Night and Day.
Camperplaats Châteaulin – overnachten met de camper in Châteaulin
Overnachten met de camper in Châteaulin? Een groene camping aan het kanaal.
- Type: camping Night & Day Rodaven
- Prijs: ca. €25–€40
- Ligging: in het groen, direct aan het kanaal
- Voorzieningen: stroom, water, loospunt, toiletten en douches
Onze ervaring: ontspannen sfeer met natuurlijke uitstraling.
Tip: via een poortje wandel je in 10 minuten langs het kanaal naar het centrum.
Etappe 11 – Lampaul-Plouarzel, Finistère: ruige kust en duinen
“👉 Ervaar de ruige kust van West-Bretagne. Wandelen door duinen, genieten van zeezicht en ontspannen camperplek in de natuur.”




We rijden via de Pont de l’Iroise, de brug bij Brest, naar het winderige westen van Frankrijk. Daar, waar het vaste land van Europa ophoudt en onze voeten langzaam in de Keltische Zee zakken, arriveren we in Lampaul-Plouarzel.
Samen parkeren we de camper in de duinen. Perfect plekje, uitzicht inbegrepen. Zodra de zon ondergaat proosten we op onze eerste avond en laten we de kleuren langzaam wegzakken achter de horizon.
De volgende ochtend waait het stevig. We zijn laat voor het ontbijt, maar besluiten toch naar het dorp te wandelen. Net op tijd bereiken we de boulangerie, vlak voor sluitingstijd. Vandaag is het Assomption, Maria-Tenhemelopneming, een nationale feestdag in Frankrijk. Ideaal excuus voor een extra rustmoment na de klim.
Dat rustmoment vinden we in het lokale stamcafé, dat voorin doet alsof het een lotto–tabak–souvenirwinkel is en achterin gewoon een traditioneel bruin café blijkt te zijn. De wind giert ondertussen zo hard dat de koopwaar voor de winkel omwaait. Dan ontmoeten we Fisherman John Wilson, die wankelend zijn vrije dag doorspoelt met alcohol en een sigaret op het terras. Wij doen het rustiger aan met een drankje, waarschijnlijk het goedkoopste van de hele vakantie. Terwijl we om ons heen kijken naar de vissers van het dorp, zou het ons niet verbazen als de kroegbaas zelf ook jaren op zee heeft doorgebracht.
Op de terugweg ontdekken we dat de supermarkt naast het café verrassend genoeg ook open is, ondanks de feestdag. Geen klanten aanwezig, dus Tobi mag voor een keer mee naar binnen. Het eigenaarsduo vindt het geweldig en speelt zelfs even met hem. Eerder op het terras kreeg hij al alle aandacht en, als wij niet goed hadden opgelet, een heleboel koekjes. Vandaag leeft hij in zijn eigen hondenparadijs.
Terug bij de camper genieten we van het fenomenale uitzicht op de Keltische Zee. We luisteren naar de golven, voelen de wind door ons haar en kleuren wat bij met een drankje in de hand. Puur genieten.
Als het tegen de avond afkoelt steken we de Cadac BBQ aan. Verse pizza’s en een fles wijn uit de supermarkt vormen een gouden combinatie. Met volle buik maken we daarna een prachtige wandeling door de duinen, langs de bootjes, tot we onze voeten bijna in zee laten glijden. Voldaan keren we terug, met herinneringen van vroeger én nu.
Jouke had gisteren al iets lekkers meegenomen voor bij de koffie: een Japans notentaartje. Dit wordt ons dessert. Heerlijk, die pure chocolade met notenmousse. De avond sluiten we af met een spelletje, terwijl Tobi heerlijk verstopt onder een dekentje ligt en bijna niet durft te kijken wie er gaat winnen.
Gek op spelletjes?
Bekijk de beste spelletjes voor 2 personen!
Camperplaats Lampaul-Plouarzel – overnachten met de camper aan zee
Overnachten met de camper in Lampaul-Plouarzel? Deze camperplaats ligt direct aan de kust.
- Type: camperplaats aan zee
- Prijs: ca. €10–€20
- Ligging: direct aan de kust
- Voorzieningen: stroom, water, loospunt, toiletten en eenvoudige douches
Onze ervaring: prachtig uitzicht op zee, boven op het terrein kan het winderig zijn.
Tip: voor stroomaansluiting beneden parkeren.
Etappe 12 – Vitré, Ille-et-Vilaine: middeleeuws kasteel en vakwerkhuizen
“👉 Bezoek Vitré, een perfect bewaard middeleeuws stadje met kasteel, vakwerkhuizen en sfeervolle pleintjes.”





Wanneer we ChatGPT vragen welke stad in Bretagne bij onze wensen past, rolt er één naam uit: Vitré. En eerlijk gezegd snappen we meteen waarom. We vroegen om schilderachtige huisjes en fotogenieke plaatjes. Om een middeleeuwse sfeer vol historie, bloemen en kleur. Om een plek met water, heuvels, luxe en winkels allemaal op loopafstand. Om cultuur die vooral lokaal is, zonder massatoerisme. En natuurlijk een beetje groen waar Tobi zijn pootjes kwijt kan. Vitré blijkt een bingo-kaart waar alles in één klap afgestreept is. Alsof deze stad speciaal voor ons is gebouwd.
Waar we eerder door een kraaiende haan uit de slaap werden gehaald, worden we hier gewekt door uilen. Zo luid, dat we denken dat er eentje met een megafoon recht boven de camper zit. Maar vroeg wakker zijn heeft zijn voordelen, zeker als de thermometer later op de dag vrolijk de dertig graden aantikt. Dus doen we wat slim is: in de ochtend naar de stad, in de middag onder de luifel luieren. Zo gezegd, zo gedaan.
De wandeling naar Vitré begint in Parc du Jardin, een groene oase die al sinds 1867 bestaat en in Engelse stijl is aangelegd. Via dit park belanden we in een scholenbuurt met statige gebouwen waar je spontaan je schoolboeken zou vergeten en alleen maar foto’s zou maken. Het ziet er allemaal zo strak en verzorgd uit dat je denkt: hier kun je bijna niet anders dan cum laude slagen.
Vlak voor de panoramabrug zitten vijf Franse jongens samen op een bankje, ieder met een fles wijn in de hand. De één probeert in gebroken Nederlands te vertellen over zijn tijd in Maastricht, de ander wil vooral laten horen dat hij Engels spreekt. We lachen, wensen ze een fijne dag en lopen verder de brug op. Het uitzicht over Vitré is prachtig en op de brug lezen we over een tijdlijn die teruggaat tot het jaar 980. Het eerste fundament van het chateau werd al rond 1050 gelegd. Best indrukwekkend om daar zo boven te staan.
De brug brengt ons langs het station uit 1857, één van de haltes tussen Brest en Parijs. Hier zit ook de Office de Tourisme. Daar krijgen we niet alleen tips over de bezienswaardigheden van Vitré maar ook een mini-college over Bretonse gewoontes. De medewerkster straalt van plezier dat ze eindelijk eens bezoekers kan helpen. Toeristen zijn hier namelijk schaars. En dat vinden wij stiekem heerlijk. Aan de overkant drinken we koffie op een terras tussen de locals, met uitzicht op het station en een bakker waar de rij tot buiten de deur staat. Je voelt meteen: dit is cultuur in een levend toeristenmuseum.
Dan begint de echte ontdekkingstocht. Langs de stadsmuur omhoog naar het chateau en door één van de best bewaarde gotische stadskernen van Europa terug naar beneden. We roepen oeh en ah bij elk gebouw. Schilderachtige huisjes, kleurrijke vakwerkgevels, fotogenieke hoekjes. Het is alsof we door een geschiedenisboek wandelen dat met bloemen is versierd.
Met een verse baguette onder de arm lopen we via het park terug naar de camping municipal. Onderweg zien we een familie die naast een rotonde in het gras zit. Hun auto staat met knipperlichten midden op de rotonde. Het voorwiel blijkt finaal gebroken. Toch hebben ze er een soort picknick van gemaakt. Bretonse nuchterheid?
Bij de camper schuift de luifel uit. Wij met de voetjes omhoog, een glas wijn in de hand. En Tobi ligt tevreden aan onze voeten te dromen, waarschijnlijk over koninklijke kastelen en parken vol gras.
Maar dan lezen we over Vitré by night, een avondwandeling waarbij gebouwen sprookjesachtig verlicht worden met projecties: de Vitrégraphies. Dus trekken we de stoute schoenen aan en gaan opnieuw naar de stad. Via het park komen we weer in de gotische kern. Het sfeertje is lastig te omschrijven: mysterieus, bijna spookachtig, en toch voelt het als veilig en warm. De projecties veranderen de gevels in verhalen, terwijl spotlights details naar voren halen die we overdag compleet hebben gemist. Vitré krijgt een nieuwe laag magie. Rond middernacht keren we terug naar de camping. Waarschijnlijk heet het daarom Vitré by night.
Wat onmogelijk leek toen we ons lijstje met wensen opstelden, blijkt hier werkelijkheid. We kunnen ze stuk voor stuk afvinken. Vitré doet zelfs nog een schepje erbovenop.
Camperplaats Vitré – overnachten met de camper in Vitré
Overnachten met de camper in Vitré? Deze municipal camping ligt rustig in het groen.
- Type: camping municipal
- Prijs: ca. €20–€30
- Ligging: rustige omgeving
- Voorzieningen: stroom, water, loospunt, toiletten en douches
Onze ervaring: kleine verzorgde camping met zeer schoon sanitair.
Tip: 20 minuten lopen naar het centrum via het park.
Etappe 13 – Fougères, Ille-et-Vilaine: kastelenstad met historische kern
“👉 Ontdek Fougères met indrukwekkend kasteel, vakwerkstraatjes en sfeervolle pleinen. Een middeleeuwse ervaring voor camperaars.”





Ongeveer dertig kilometer van Vitré ligt het plaatsje Fougères. Het staat bekend als een van de best bewaarde middeleeuwse stadjes van Bretagne, met een indrukwekkend kasteel en gezellige straatjes vol vakwerkhuizen. Waar Vitré nog voelt als een goed bewaard geheim, merk je in Fougères dat het allemaal net een tikkeltje toeristischer is. Getuige ook het vrolijke wegtreintje dat door de straten tuft. Toch blijft de charme overeind en voelt het alsof je een stap terug doet in de tijd, maar dan wel met genoeg terrasjes en bakkers om weer helemaal in het nu te landen.
Wij nemen rustig de tijd voor de reis ernaartoe. Onderweg doen we boodschappen en ’s avonds schuiven we aan in ons eigen restaurantje in de camper. Op het menu: zoete maïskolven, gekookte aardappelen, een frisse salade en verse zalm. Op de cadac lukt het ons steeds beter en met elke draai aan de grill groeit het gevoel dat we zo mee kunnen doen aan een campingversie van MasterChef.
Tip: Kleine BBQ, groot vakantiegevoel. Ontdek hier welke mini BBQ jouw trip compleet maakt.
De volgende ochtend wandelen we vanaf de camping municipal naar het centrum van Fougères. Eerst door een arbeiderswijk waar verrassend genoeg ook een paar flinke villa’s staan te pronken. Daarna verder richting Place de Paris, waar we heel toepasselijk op het terras van Café de Paris belanden. Niet omdat we al moe zijn, maar omdat de tourist office nog gesloten is en de lucht besluit ons te trakteren op een regenbuitje.
Hoewel we van de camping al een stadswandeling hebben gekregen, lopen we toch binnen bij de Office de Tourisme. En dat blijkt een klein cadeautje, want via de winkel loopt een doorgang naar het naastgelegen theater. Een klassiek Frans theater in Italiaanse stijl, compleet met fluweel en gouden krullen. Wij mogen gratis naar binnen voor een rondgang. Zelfs Tobi mag mee, die nieuwsgierig rondkijkt alsof hij ieder moment een voorstelling van knisperende hondenkoekjes verwacht.
Door het hele plaatsje slingert de bewegwijzering van het ‘Circuit Decouverte de la Ville’, een ontdekking van de stad in twee kilometer. Die brengt ons langs sfeervolle tuinen, middeleeuwse vakwerkhuizen, kleine musea en natuurlijk het kasteel.
Halverwege onze tocht naar het kasteel doet zich echter een ander soort pauze voor. Jouke moet nodig plassen. De openbare toiletten zijn natuurlijk niet schoon om op te zitten — zeg maar gerust smerig. Dus hangt ze half gehurkt boven het porselein, terwijl de deur weigert op slot te gaan. Dan vraagt ze aan Edwin of hij even voor poortwachter wil spelen. En zo staat hij voor de deur, de waardige bewaker van het koninklijk gemak.
Eenmaal bij het Kasteel van Fougères nemen we plaats op een terras. Hier serveren ze alleen lokale dranken. Jouke kiest een lokale cola zero, Edwin gaat voor een huisgebrouwen biertje. Ondertussen lijkt de bediening een eigen act te hebben: glazen laten vallen. Niet dat ze vies zijn, integendeel, maar met regelmaat vliegt er ergens een dienblad de lucht in om vervolgens luidruchtig de stenen te ontmoeten. Klats, daar ligt er weer een serie. Gelukkig hoort het blijkbaar allemaal bij de charme, want iedereen blijft lachen en de obers proosten vrolijk mee.
Na een kort bezoek aan de City Carrefour supermarkt wandelen we terug naar de camping. Die voelt eigenlijk meer als een perceel diep in een bos. Al een paar dagen hebben we een roodborstje op bezoek dat vrolijk de broodkruimels van de grond pikt. En dankzij de uitstekende boulangerie om de hoek ligt er ’s ochtends altijd een verse baguette op tafel. Zo voelt zelfs het ontbijt als pure vakantie.
Camperplaats Fougères – overnachten met de camper in Fougères
Overnachten met de camper in Fougères? Deze municipal camping ligt in een bosrijke omgeving.
- Type: camping municipal
- Prijs: ca. €30–€40
- Ligging: in het groen
- Voorzieningen: stroom, water, loospunt, toiletten en douches
Onze ervaring: voelt als kamperen in de natuur, maar toch dichtbij de stad.
Tip: bezoek het toerismebureau en het theater in het centrum.
Etappe 14 – Lyons-la-Forêt, Normandië: pittoresk dorp en bosrijke omgeving
“👉 Charmant Normandisch dorp met vakwerkhuizen, sfeervolle pleintjes en omliggende bossen voor wandelingen en rust.”





Na een reisdag die volledig in het water valt met regen alsof de hemel alle kranen heeft opengezet, lijkt het alsof we niet zozeer met de camper maar eerder met een boot naar Lyons la Forêt zijn gevaren.
Het dorpje verwelkomt ons met een sprookjesachtige uitstraling. De vakwerkhuizen lijken te strijden alsof ze aan een schoonheidswedstrijd meedoen, elk huis kleurrijker en bloemrijker dan het andere. Midden op het plein staat de markthal, een kleinere versie van de indrukwekkende hal die we eerder in Clisson hebben gezien. Op donderdag, zaterdag en zondag bruist het hier van de markt, en wij hebben het geluk dat we precies op zo’n dag rondlopen.
We beginnen onze stadswandeling zoals altijd bij de Office de Tourisme. Daar halen we een plattegrond zodat we niet drie keer hetzelfde rondje lopen. Zo ontdekken we dat de oorspronkelijke dorpskern ooit is verplaatst, waardoor de kerk nu wat afgelegen ligt. Juist dat geeft iets bijzonders. Met de omliggende heuvels voelt het geheel zelfs een beetje Oostenrijks aan, maar dan zonder jodelende deienkletsers.
Rond de middag zoeken we een plekje voor de lunch bij één van de twee restaurants nabij de markthal. Alle tafels blijken echter gereserveerd. Gelukkig vinden we later een fijn plekje bij de plaatselijke boulangerie. Met een broodje in de hand en uitzicht op het charmante plein voelt het alsnog als een klein geluksmoment.
Even later ontdekken we dat er niet twee maar drie restaurants zijn. Twee terrassen zitten tot de laatste stoel vol. Het derde terras, op een binnenplaats, is wonderlijk leeg. Even denken we dat dit onze kans is, tot we ontdekken dat het restaurant in 2025 een Michelinster heeft gekregen. Voor een menuutje tik je hier vrolijk driehonderd euro af, de fraaie collectie oude auto’s van het restaurant moet tenslotte ergens van betaald worden.
Toch blijven we niet met lege handen achter. In het straatbeeld duiken meerdere klassieke auto’s op die hier helemaal op hun plek lijken. Zo ontmoeten we de eigenaar van een oude Rolls Royce. Naast hem huppelt een hondje van twintig jaar, ongeveer de helft van de leeftijd van zijn voertuig. De beste man besteedt meer aandacht aan Tobi dan aan zijn glanzende klassieker. Voor ons is dat natuurlijk prima, want Tobi geniet zichtbaar van alle aandacht en wij stiekem ook.
Overigens zijn er nog meer klassiekers in het dorp te vinden. Eén van de vakwerkhuizen heeft dienst gedaan als filmdecor. En ook de componist van de welbekende Bolero bracht hier veel tijd door bij zijn familie en werkte aan wereldberoemde muziekstukken. Lyons la Forêt voelt daardoor als een dorp waar geschiedenis, charme en kleine verrassingen op elke hoek wachten om ontdekt te worden.
Camperplaats Lyons-la-Forêt – overnachten met de camper in Lyons-la-Forêt
Overnachten met de camper in Lyons-la-Forêt? Een groene camping vlak bij het dorp.
- Type: camping Saint Paul
- Prijs: ca. €20–€35
- Ligging: achter sportvelden
- Voorzieningen: stroom, water, loospunt, toiletten en douches
Onze ervaring: ruime camping waar je zelf een plek kiest.
Tip: op marktdagen tijdig een lunchreservering maken.
Etappe 15 – Arras, Hauts-de-France: historische stad als afsluiter
“👉 Sluit je camperreis af in Arras. Historisch centrum, Grote Markt en fraaie architectuur maken dit de perfecte laatste stop.”






Op weg naar huis rijden we vanzelfsprekend door Normandië. Hoewel we de rijke geschiedenis van deze streek eigenlijk willen bewaren voor een volgende vakantie, vallen ons onderweg al talloze begraafplaatsen en oorlogsmonumenten op. Overal herinneringen aan de duizenden soldaten die hun leven gaven voor onze vrijheid. Indrukwekkend – en tegelijk een reminder dat vrede nooit vanzelfsprekend is.
Onze laatste stop van deze vakantie is de plaats Arras. Althans, zo noemen ze dat in Frankrijk. Vanuit de Middeleeuwen kennen wij Nederlanders deze stad als Atrecht. Die naam komt van het Latijnse Atrebates, de stam die hier ooit woonde. In de Franse tongval werd dat Arras en in onze oude kronieken bleef Atrecht hangen. Zelfs plaatsnamen hebben dus een soort familiegeschiedenis.
Arras blijkt een levendige stad met een schitterende camperplaats op loopafstand van het centrum. Zodra we aankomen bij de Office de Tourisme, stuiten we op een paar reuzen. Niet zomaar grote beelden, maar leden van de beroemde reuzenfamilie die deel uitmaakt van de lokale tradities. Jouke herkent het meteen van Bergen op Zoom: vader, moeder en zoon, aangevuld met een soldaat en een man met een stok, ook wel lans genoemd. Die laatste blijkt te verwijzen naar waterjousting, een sport die hier nog steeds heel serieus wordt beoefend.
Wanneer we binnenlopen in het hart van de stad, staan we plots op twee enorme pleinen omringd door huizen met sierlijke barokgevels. Onze mond valt open van verbazing. Wow, hoe overweldigend. Dit zijn de Grand Place en de Place des Héros. Alsof we in een reusachtig kerstdorp beland zijn, maar dan zonder nep-sneeuw en batterijtjes. Wij voelen ons kleine mensjes in een grote speelgoedwinkel, terwijl Tobi al huppelend over de kinderkopjes de aandacht trekt.
’s Avonds, teruglopend naar de camperplaats, zien we mensen op het water balanceren met lansen. Waterjousting dus! Wat eerder nog een vaag verhaal van de reuzenpop met stok was, speelt zich nu live voor onze neus af. Leuk om mee te maken, en het doet ons even denken aan fierljeppen in Friesland: allebei sporten waar je drie keer naar moet kijken voordat je denkt, ja hoor, dit kan ook.
De volgende ochtend wandelen we richting de zaterdagmarkt. Meer dan tweehonderd kramen vullen het centrum en overal ruikt het naar vers brood, kaas, bloemen en kruiden. Tobi vindt vooral de kraam met verse vis reuze interessant en trekt zijn neus nauwelijks weg. We ontdekken de miniwafeltjes van Arras, knapperig van buiten en gevuld met vanillecrème van binnen. En dan is er nog de Andouillette d’Arras, een worst die hier zó geliefd is dat hij bijna dezelfde status heeft als wijn in de Moezelstreek. Waar men elders druiven in eiken vaten koestert, legt men hier liefde in darmen en mosterdsaus. Voor de liefhebber een delicatesse, voor de beginner… nou ja, een avontuur.
Bij een kraam kopen we een paar prijzenwinnende exemplaren. Ons Frans gaat inmiddels aardig, maar de verkoopsters barsten in lachen uit wanneer we onze bestelling doen. Blijkbaar klinkt het alsof we een heel vat vol Andouillette willen. Als we zien dat de worsten ieder zo’n 200 gram wegen, begrijpen we hun pret. Toevallig is er volgend weekend het Fête de l’Andouillette: denk wijnfeesten, maar dan met worst. Voor vanavond houden we het bij chorizo. Die blijkt zó vol knoflook te zitten dat we er de volgende dag bij elke boer nog aan herinnerd worden. Met een frietaardappel, courgette en natuurlijk een stokbrood onder de arm keren we terug naar de camper. Het diner kan niet meer stuk.




’s Middags wandelen we via het park Jardin du Gouverneur verder de stad in. Onderweg ontdekken we een klein protestants kerkje, verstopt tussen chic gerestaureerde gevels. Net op dat moment stopt er een oud autootje. Een vriendelijk dametje van bescheiden formaat, dat vloeiend Engels spreekt, biedt ons spontaan aan om mee naar binnen te gaan. “Ik heb de sleutels toch bij me,” zegt ze opgewekt. Binnen vertelt ze honderduit terwijl ze de lampen aandoet. De kerk is eenvoudig en sober, zonder franjes of beelden, maar met een preekstoel voor de dominee – die, zo horen we, Nederlandse wortels had. Wanneer we haar vertellen over onze worstaankopen, straalt ze alsof ze er zelf vanavond nog eentje op het vuur legt.
Via het park bereiken we de Citadel van Arras, een indrukwekkend bolwerk uit de zeventiende eeuw dat ooit onderdeel was van de verdedigingslinie van vestingbouwer Vauban. Tot onze verrassing vindt juist dit weekend het spektakel “Vauban, la Citadelle, Arras” plaats: een openluchttheatervoorstelling dat de geschiedenis van de citadel tot leven brengt met licht, muziek en toneel. Voor de poorten bruist het van middeleeuwse bedrijvigheid. We lopen langs muzikanten, van ensembles tot een man die een mini-piano bespeelt die meer klinkt als een banjo. Ambachten als kantklossen en steenhouwen worden gedemonstreerd, kinderen leren pottenbakken en overal hangt de sfeer van een historisch dorpsfeest.
Tussen al die levendigheid ontdekken we de kapel van de citadel, een stille plek gewijd aan gesneuvelde soldaten. Geen heiligenbeelden hier, maar een afbeelding van een soldaat en muren vol marmeren platen waarin namen, rangen en overlijdensdata zijn gegraveerd. Terwijl buiten de muziek en het gelach verdergaan, wordt het binnen stil. Even staan we oog in oog met de offers die hier gebracht zijn. Het contrast tussen feest en herinnering maakt diepe indruk.
’s Avonds keren we, proevend met een macaron in de hand, terug naar de camperplaats. Daar is de stilte alweer snel verdwenen, want tegenover ons gaat een feestje los. Jongeren zingen en dansen, precies tot elf uur. Daarna keert de rust terug en maken wij ons op voor het laatste rondje, een spelletje en ons bed. Terwijl Tobi zich oprolt op zijn matras, dromen wij over drie weken vol avonturen, smaken en ontmoetingen. Een prachtige afsluiter van onze reis, die begon in de richting van zuidwest-Frankrijk, maar via Bretagne voerde en eindigde in een grote ronde rondom Parijs.
Gek op spelletjes?
Bekijk de beste spelletjes voor 2 personen!
Camperplaats Arras – overnachten met de camper in Arras
Overnachten met de camper in Arras? Moderne camperplaats aan de rivier de Scarpe.
- Type: camperplaats met slagboomterminal
- Prijs: ca. €10–€20
- Ligging: aan rivier de Scarpe
- Voorzieningen: stroom, water, loospunt, toiletten en douches
Onze ervaring: volledig geasfalteerd terrein; plekken aan de rivier hebben het mooiste uitzicht.
Tip: in de avond vaak vol, volgens het één-uit-één-in principe komt er weer plek vrij.